Infrastructure dreams

Privé-geld mobiliseren voor publieke investeringen kan ook zonder een uitverkoop aan het buitenland

Michiel De Muynck is postdoctoraal onderzoeker aan de Ugent en lid van de Vrijdaggroep. Dit stuk verscheen ook op knack.be op 21 oktober 2016.

Was de Wetstraat in oktober 2015 nog in de ban van begrotingsorthodoxie, dan blijkt een beleidsmatige focus op investeringen recent opnieuw salonfähig in onze parlementen. Belgische beleidsmakers zeilen daarmee op het her-ijkte Europese kompas: na de austeriteitsfocus lijken Europese instanties de Zeitgeist van investeringen in publieke infrastructuur in toenemende mate uit te dragen. Het Europees Fonds voor strategische investeringen, ook wel aangeduid als het "Juncker fonds", geldt als vlaggenschip van voormelde paradigmashift. Het belang van strategische investeringen in publieke infrastructuur (scholen, ziekenhuizen, wegen, digitale infrastructuur edm.) is onbetwist. Hun nutsmaximalisatie t.a.v. de burger vereist maatschappelijk debat inzake de fundamentele beleidsopties en een duurzaam investeringstraject voorbij de politieke waan van de dag.

Het beoogde duurzame investeringstraject in publieke infrastructuur dient de toets van de Europese begrotingsregels te doorstaan. Met haar Begrotingspact legt Europa nationale overheden vandaag een strikt keurslijf op bij de opmaak van hun begrotingen. Het nazicht op het Europees Systeem van Rekeningen ("ESR") door Eurostat, de Europese statistische dienst, verhindert bovendien onder meer de gefaseerde opname in de begroting van publieke investeringen in functie van hun verwachte levensduur, en is momenteel meedogenloos in het doorprikken van complexe structuren die in het verleden projecten buiten de begroting konden houden. Tegen deze achtergrond en in de actuele context waarin enerzijds financiering onvoorstelbaar goedkoop is en kandidaat-investeerders anderzijds historisch grote hoeveelheden (spaar)gelden hebben is een belangrijke rol weggelegd voor private investeringen in publieke infrastructuur.

De recente Eandis-saga, waarbij ter elfder ure de voorgenomen participatie twv. 830 miljoen EUR van het Chinese State Grid Europe werd getorpedeerd, kan voorgaande toets inzake behoorlijk bestuur bezwaarlijk doorstaan. De selectieve verontwaardiging over de technocratische overstretch van voornoemde privatiseringsoperatie, wars van een langetermijnvisie op strategisch infrastructuur- en energiebeleid en met onvoldoende waarborgen inzake controle, kan de wenkbrauwen doen fronsen. Het had iets weg van wat in de nasleep van de Griekse crisis gebeurde toen politici eerder geruisloos instemden met de oprichting van het Hellenic Republic Asset Development Fund, een fonds belast met de gezwinde privatisering van Griekse publieke infrastructuur (waaronder (lucht)havens, wegen, rioolinfrastructuur, gas en- watermaatschappijen) ter waarde van 50 miljard EUR. Het Chinese staatsbedrijf China Ocean Shipping Company kon op deze manier een belang verwerven in de haven van Piraeus. Hoewel de Griekse havens onmiskenbaar een geopolitiek belang dienen als strategische toegangspoort van Europa, bleek een legitiem parlementair debat over publieke infrastructuur ondergeschikt aan besluitvorming door Europese mandarijnen.

Niettegenstaande de nodige hernieuwde beleidsmatige focus, blijken investeringen in publieke infrastructuur echter zelden gepaard te gaan met maatschappelijk debat. Debat inzake de opportuniteit en prioritering van publieke investeringen en de rol van private investeringen. Wat is de optimale financieringsvorm (privaat, publiek of een combinatie van beiden)? Hoe worden de risico’s en winsten verdeeld? Wat is de optimale betrokkenheid van publieke en private stakeholders? Is er in deze context bijvoorbeeld nood aan een nieuw wettelijk kader inzake financieringscoöperatieven of de criteria inzake mogelijkheid tot burgerparticipatie bij het uitschrijven van publieke aanbestedingen? Hoe kunnen infrastructuurinvesteringen bevorderd worden als onderdeel van pensioenspaarplannen van werknemers? Kan de vooropgestelde Kapitaalmarkten Unie financiering van infrastructuur bevorderen? Hoe kan de participatie van KMO’s worden gestimuleerd?

Dat er in België -na de schrapping van het oorspronkelijke fiscale gunstregime- nauwelijks volksleningen ter realisatie van maatschappelijk relevante projecten worden afgesloten, hoewel er meer dan 260 miljard EUR op Belgische spaarrekeningen staat, is evenmin voorwerp van doeltreffend debat, de electoraal geïnspireerde oneliners en proefballonnetjes voorbij. Brede langetermijnvisie is afwezig. Onder meer inzake de beleidsmatige noodzaak aan bijkomende, gerichte fiscale stimuli ter bevordering van de volksleningen. Zo zou men op federaal niveau bijvoorbeeld kunnen nadenken over een systeem van (gedeeltelijke) defiscalisatie of fiscale aftrekbaarheid van verliezen geleden door particuliere investeerders n.a.v. een belegging in infrastructuurprojecten. Dergelijk drempelverlagend systeem, dat onder meer kan worden uitgewerkt in het kader van projectobligaties (bijvoorbeeld voor de bouw van wegen of ziekenhuizen), verdiende reeds haar sporen bij de Win-win lening in Vlaanderen. De fiscale aftrekbaarheid van verliezen kan overigens worden aangevuld met een (hernieuwde) verlaging van de roerende voorheffing, co-financiering met publieke fondsen of het toekennen van publieke waarborgen (bijvoorbeeld door de Participatiemaatschappij Vlaanderen) voor investeringen in publieke infrastructuur. Publieke sensibiliserings- en informatiecampagnes zijn hierbij essentieel. Ook inzake het Europees niveau blijft de investeringsdiscussie al te zeer beperkt tot hogere technocratische, academische kringen. Getuige hiervan bijvoorbeeld het feit dat de eerder deze maand gepubliceerde kritische doorlichting van het Europese Fonds voor strategische investeringen door de Europese Rekenkamer onder de radar bleef van mainstream media en amper weerklank vond in de nationale parlementen. Dergelijke onverschilligheid kan verwonderen daar het Fonds meer dan 21 miljard EUR publieke garanties geniet.

Laten we daarom een (in)dringend pleidooi houden voor een fundamenteel maatschappelijk debat inzake private infrastructuurinvesteringen. Een debat op alle beleidsniveaus over een duurzame en ambitieuze investeringsroadmap inzake cruciale nutsinfrastructuren. Een debat over fiscale stimuli, naar analogie van de win-win lening, defiscalisatie of het toekennen van publieke waarborgen voor investeringen door particuliere beleggers in publieke infrastructuur. Verbindende infrastructuur voor en door Europese burgers, bedrijven en overheden.

Geschreven door