donderdag 09 mei 2019

10 voorstellen die over partijgrenzen heen op de programma’s zouden moeten staan

Door Audrey Hanard, voorzitter van De Vrijdaggroep

Op 26 mei verkiezen we een nieuw gewestelijk, federaal en Europees parlement voor de volgende vijf jaar. Met de gekende verdeeldheid binnen ons land belooft de nasleep van de verkiezingen een periode van complexe onderhandelingen te worden. Nochtans kan het wel: maatregelen treffen die los van politieke voorkeuren steek houden. De voorbije zes jaar schoven we bij De Vrijdaggroep realistische en innovatieve beleidsideeën naar voren in analyses, rapporten en opiniestukken die de belangstelling van beleidsmakers en media uit alle streken van het land trokken.

Voorstellen die het resultaat waren van onderzoek, discussie en debat tussen jonge Belgen met uiteenlopende achtergronden, vakgebieden en ideologieën. Voorstellen die er konden komen omdat we onafhankelijk zijn en ons kunnen concentreren op kwesties die essentieel zijn voor onze samenleving op de langere termijn, in tegenstelling tot de beleidsmakers die continu moeten inspelen op actuele gebeurtenissen.

Met de verkiezingen in zicht kozen we tien voorstellen die De Vrijdaggroep de voorbije jaren onderzocht, waarvan de impact berekend is of het nut bewezen is door buitenlandse voorbeelden. Tien individuele voorstellen, die volgens ons, nú aan de orde zijn om onze toekomst van morgen te verzekeren.

  1. De hervorming van het ouderschapsverlof zodat vaders en mede-ouders drie maanden ouderschapsverlof kunnen opnemen aan 1.400 euro per maand. Volgens onze berekeningen zou deze hervorming de sociale zekerheid 49 miljoen euro kosten, wat gecompenseerd zou kunnen worden door het genderonvriendelijk huwelijksquotiënt grondig te herzien.
    Lees meer

  2. Een herindeling van het schooljaar in cycli van zeven weken gevolgd door twee weken vakantie, en een verkorte zomervakantie van zes weken. Uit onderzoek blijkt dat de kennis die kinderen tijdens het schooljaar verwerven (deels) verloren gaat na twee lange, intellectueel inactieve maanden. Dat creëert een systematische achterstand bij kinderen uit kansarme milieus.
    Lees meer
  3. Het invoeren van een verplichte burgerdienst van één jaar voor elke 18-jarige om de toenemende polarisatie te bestrijden. Het maakt een kruisbestuiving tussen jongeren van verschillende achtergronden mogelijk die geen enkele andere overheidsdienst - ook de scholen niet - vandaag biedt. Het zou een aanzienlijke begroting van een miljard euro per jaar betekenen, maar het zal de basis vormen van een nieuw, inclusief sociaal contract dat participatie en verantwoordelijkheid vooropstelt, en zo ook de jongerenwerkloosheid zou moeten doen dalen.
    Lees meer

  4. Het uitrollen van gepersonaliseerde reïntegratietrajecten voor alle gedetineerden bij aankomst in de gevangenis. Deze maatregel zou de overbevolking van de gevangenissen bestrijden, die momenteel op meer dan 110% wordt geschat. Volgens onze berekeningen zou dit het recidivepercentage bovendien met 14% kunnen verminderen, wat neerkomt op een besparing van bijna 30 miljoen euro per jaar.
    Lees meer

  5. Het verbeteren van de arbeidsomstandigheden van stagiairs in de vrije beroepen, met name in de gezondheidszorg, zowel wat betreft de werktijden (beperken tot 12u per dag), onderwijstoezicht als minimumlonen. Er moet een centrale vzw opgericht worden – zoals in het huidige systeem voor huisartsen-in-opleiding - die de lonen van de medische specialisten-in-opleiding betaalt en toeziet op de kwaliteit van de opleiding. Enkel zo kan de veiligheid en gezondheid van de stagiair zelf, en die van de patiënt gegarandeerd worden.
    Lees meer
  6. Het verplicht opstellen van een intergouvernementeel deontologisch charter, gepubliceerd en bekrachtigd door elke minister en zijn/haar kabinet, om discussies rond belangenvermenging te vermijden. De Vrijdaggroep stelde een voorbeeldcharter op, die als inspiratie kan bieden
    Lees meer
  7. Het invoeren van een volksvergadering op basis van burgerinitiatiefrecht waardoor burgers de mogelijkheid krijgen om tijdens een legislatuur thema’s op de politieke agenda te plaatsen. Een voorstel waarvoor het vereiste aantal handtekeningen werd verzameld, zou dan binnen de bevoegde commissie kunnen worden besproken door een vergadering van willekeurig verkozen burgers. Met de hulp van experts en parlementsleden zouden burgers op die manier een realistisch wetsontwerp kunnen opstellen en indienen.
    Lees meer

  8. Het uitbreiden van de bescherming van klokkenluiders, met een beleid dat geüniformeerd is over alle bestuursniveaus en geldt voor alle door de overheid gefinancierde organisaties, instellingen en verenigingen. Om wanpraktijken zoals naar buiten gekomen bij het Publifinschandaal te bestrijden en te vermijden.
    Lees meer

  9. Het vulgariseren en transparant maken van de overheidsfinanciën, op een manier die voor iedereen toegankelijk is. België loopt achter op zijn Europese buren als het gaat om het toegankelijk maken van openbare gegevens, en al helemaal als het gaat om de overheidsbegroting. Het verspreiden van duidelijke, toegankelijke informatie en financiële transparantie is nochtans cruciaal voor de werking van onze democratie, en een must om burgers nauwer te betrekken bij het bestuur van de onze samenleving.
    Lees meer
  10. Een herfinanciering en een digitalisering van justitie, om enerzijds de gerechtelijke achterstand weg te werken en anderzijds het vermogen te herstellen om, naast haar rol als scheidsrechter tussen individuen, ook de controle uit te voeren op de toepassing van de wet door de uitvoerende macht. In de afgelopen tien jaar is het budget voor de werking van de rechtbanken in reële termen met 3% gedaald. Per hoofd van de bevolking geven we daar 15% minder uit dan in Nederland en 50% minder dan in Duitsland.
    Lees meer